Tuesday, December 31, 2013

Lokale politiek en de domheid der dingen

Caligula's sea fighters
 

Ik heb bij veel verkiezingen voor de gemeenteraad verstek laten gaan. Het heeft geen zin. Het groepje lokale volksvertegenwoordigers en kandidaten waar wij hier in Katwijk uit mochten kiezen, was het niet waard om naar de stembus te gaan. Dat kan in 2014 wellicht anders zijn, nu eindelijk eens een intelligent denkende Katwijker met een nieuwe lijst z'n opwachting maakt om z'n stem in de raadszaal te laten horen.

Ik verzet me tegen het standaardverwijt, dat als je niet stemt, je ook niet mag meepraten. Alsof niet stemmen niet evengoed een politiek statement kan zijn. Alsof je verplicht bent om je steun te verlenen aan een groep of kandidaat waar je niet achter kan staan. Ach, lokale politiek. Het domein voor mensen die netwerkmogelijkheden of belangen zien, die een invulling voor hun vrije tijd zoeken, maar daarbij tekortschieten in democratische waardigheid.

'Populisme' verweet de CDA-lijsttrekker een columnist van een lokale krant, omdat hij kritische kanttekeningen plaatste bij het gebrek aan afstand tussen raad en college. Triest hoe de afgelopen tijd mensen die het wagen hun twijfels uit te spreken over het functioneren van het college, en het vermeende gebrek aan controle door de raad, zowel vanuit college als raad worden neergesabeld. Goed afgekeken van de lokale merites in het Italië van Berlusconi waarschijnlijk. Wat een beperkte kijk op je eigen lokale politieke functioneren. Wie een beetje breder naar verschillende opvattingen in de politieke theorie kijkt, ziet dat er de laatste tijd wel meer kanttekeningen worden geplaatst bij de politieke cultuur in ons land. Ik verwijs bijvoorbeeld naar Willem Schinkel (De nieuwe democratie), of zelfs naar een van mijn eerdere blogs The dictiatorship of the ignorant and mediocre.

Politiek onderdeel van een netwerkcultuur
Onze politieke cultuur is het resultaat van een staatkundige, maatschappelijke en sociale ontwikkeling die sinds de 11e eeuw is geculmineerd in het doodlopende spoor waarop democratie vandaag de dag is beland. Hadden wij maar Founding Fathers gehad, zoals de Amerikanen. Die hadden een duidelijk beeld van hoe de samenleving er uit moest zien. Niet dat zij daar nu met voldoening op zouden terugkijken, maar het had ons tenminste een ijkpunt gegeven. Dan hadden zij gezien hoe onze democratie zich heeft ontwikkeld tot een belangenstrijd, waarbij principes het veld hebben moeten ruimen. Dat wreekt zich eens te meer bij lokale politiek, die in een netwerkcultuur is veranderd: het domein van ondernemers om zakelijke belangen te behartigen, van vertegenwoordigers van verenigingen die hun belangen veilig gesteld willen zien en van huisvrouwen met een empty nest-syndroom die inhoud willen geven aan hun verder lege bestaan. Intellectuele minkukels, die niet in staat zijn om hun politieke gedrag in overeenstemming te brengen met voor hen wellicht te abstracte democratische principes, waar zij niet bij kunnen aanhaken. Een lokale politieke elite die zich thema's toe-eigent, met voorbijgaan van wat de inwoners echt belangrijk vinden. Dit was nooit de bedoeling van politiek. Lokale politiek als de perverse expressie van een gedevalueerde democratie.

Proeve van bekwaamheid
Een oplossing? Wie het weet, mag het zeggen. Misschien moeten volksvertegenwoordigers proeven van intellectuele bekwaamheid afleggen. Uiteindelijk mag je pas autorijden als je een rijbewijs hebt, zwemmen met een zwemdiploma, en in menige professie word je pas aangenomen als je over de juiste kwaliteiten beschikt – maar dat geldt allemaal niet voor onze vertegenwoordigers. Misschien moeten volksvertegenwoordigers helemaal kunnen worden vrijgemaakt uit hun dagelijkse beslommeringen, zodat we fulltime raadsleden hebben, waarvan we kunnen verwachten dat zij zich bekwamen, alle stukken lezen, en een intelligente bijdrage leveren aan het bestuur van een gemeente. Dit zijn echter onderwerpen waarmee je juist bij onze zogenaamde politiek geïnteresseerden niet hoeft aan te komen. Ik heb het allang opgegeven om mij in politieke discussies te begeven, omdat principiële politieke keuzes worden weggehoond – ik noem zaken als hervorming van het kiesstelsel, de gekozen burgemeester of de belangenverstrengelingen tussen bedrijfsleven en politiek. Het gaat de gesprekspartners waarschijnlijk ver boven de pet. Daarom is de politiek failliet. Karl Marx voorzag in zijn overigens briljante politieke economische analyse een 'dictatuur van het proletariaat'. Die is er nooit gekomen – de communistische dictatuur was niet anders dan een tegenpool van de kapitalistische dictatuur. Maar we hebben wel iets anders gekregen. Sub-intelligente partijvertegenwoordigers, die niet in staat zijn om grotere elementaire democratische principes te doorgronden, hebben ook op lokaal niveau belangen boven democratische participatie gesteld. Ziedaar, de dictatuur van de middelmaat. Maar ach, met een kerststerretje moet iedereen toch tevreden zijn? Misschien toch maar weer niet stemmen deze keer.

No comments:

Post a Comment